De chemie was de druppel
Heleen werkte jarenlang op de traditionele manier, maar voelde steeds sterker dat het anders moest. Niet de mode, maar de chemie in de producten stoorde haar. Ze ging op zoek naar biologische alternatieven, maar vond die aanvankelijk niet. Via Zweden stuitte ze op merken die Green Salon gecertificeerd waren, een certificering onder leiding van een biochemicus die onderzoek doet naar de kappersbranche. Wat ze leerde, schrok haar. Haarverf bevat hormoonverstoorders, kankerverwekkende stoffen en ingrediënten die via het afvalwater in het milieu terechtkomen. En grote merken doen aan greenwashing: ze geven zichzelf een groen imago terwijl de ingrediëntenlijst iets anders vertelt. ‘Ik voelde me in het ootje genomen,’ zegt Heleen. ‘Dat is niet oké.’

Zeven liter per klant
De milieubelasting van de kappersbranche is concreet. Per klant is er ongeveer zeven liter water nodig om haarverf uit te spoelen. Dat water bevat synthetische pigmenten, en chemische resten. Ziekenhuizen filteren medicijnresten er uit, maar in kapperssalons spoelen we alles rechtstreeks het riool in. De branche onderzoekt dit nauwelijks. Daarom begint zij bij de basis: opleiding. Want als je jonge kappers anders leert werken, verandert het systeem vanzelf. Heleen werkt plantaardig en met methodes die het haar niet-oxidatief kleuren, een aanpak die de milieubelasting sterk vermindert. In haar salon wordt biologische koffie van Tuka geschonken en is het totaalconcept consequent doorgevoerd.
Kappers opleiden is de echte impact
Mensen belden Heleen op met de vraag of ze een cursus bij haar konden volgen. Zo groeide haar opleidingsrol organisch. De afgelopen drie jaar heeft ze zo’n twintig kappers opgeleid, van wie nu vier in Nijmegen actief zijn als natuurkapper. Haar ambitie reikt verder. In Finland staat de eerste natuurkapperschool ter wereld. Heleen wil over vijf jaar de eerste natuurkapperschool van Nederland hebben, in Nijmegen. De vraag vanuit consumenten is er. Het zijn de kappers die achterblijven, deels door scepsis, deels doordat ze vastzitten aan de grote merken die al op kappersscholen zitten en jonge studenten vroeg aan zich binden.
Scholen en grote merken
Heleen heeft contact gezocht met het ROC in Nijmegen om gastlessen te geven. Daar was geen ruimte voor. Het ROC bezocht haar wel om te zien hoe zij werkt, ook omdat organisaties steeds vaker moeten verduurzamen. Dat vindt ze hoopvol, maar ze is ook realistisch. De inkoop van haarverf op scholen wordt gedaan door de facilitaire dienst, die kijkt naar prijs, niet naar ingrediënten. Grote merken zetten zich daar vroeg in en studenten wisselen daarna nauwelijks meer van merk. Die cyclus doorbreken gaat langzaam. ‘Het zijn kleine stappen,’ zegt Heleen. ‘Bij mij is het ook niet van de ene op de andere dag gegaan.’

De consument loopt voor
Een interessante dynamiek in het verhaal van Heleen: de consument wil wel, maar de kapper volgt niet. Mensen met allergieën en mensen die bewust duurzamer willen leven, weten Saucha goed te vinden. Heleen biedt gratis adviesgesprekken aan zodat consumenten begrijpen hoe plantaardig kleuren werkt en wat ze kunnen verwachten. Ze overweegt haar strategie om te draaien: misschien moet de druk van de consument de kapper in beweging brengen, niet andersom. Haar advies aan andere impact ondernemers is kort: blijf pionieren, heb een lange adem en omring je met de juiste mensen. ‘Soms moet je het even loslaten om het daarna weer op te pakken. Dan komen er ook weer nieuwe ideeën.’
Volg bezoek de website van Saucha hier of neem een kijkje in de online Natuurkappers shop.
Benieuwd naar meer verhalen? Klik dan hier.